O p m e r k e l i j k e   c d' s

Martijn Luttmer - La Libelula | On Request - Trio Johan Clement | Frits Landesbergen - Just me | Dim Kesber & The Augmenters - Mood Ellington | Xandra Willis - To Be With You | The Graduates of Swing - een Haagse topper | Jan Verwey 'doet' Thelonious Monk... en hoe! | Fraaie muzikale inkijkjes bij Sanna van Vliet | 'Grooving' met Piet Noordijk | Dirindi brengt een ode aan Antonio Carlos Jobim | Ingram Washington bij kaarslicht... | Robert Veen - Muziek die vrolijk maakt... | Léah Kline - playground | Joke Bruijs - Close to me

Martijn Luttmer - La Libelula

Een wat raadselachtige titel, maar dat wordt allemaal duidelijk uitgelegd op de goed verzorgde hoes met mooie zwart/wit foto's. Het is een eersteling van mondharmonicaspeler Martijn Luttmer en om maar meteen met mijn conclusie te komen: die is zonder meer fantastisch! De mondharmonica is net als bijvoorbeeld een gitaar of een piano weliswaar makkelijk om er geluid aan te ontrekken, maar razend moeilijk om er ook daadwerkelijk muziek op te maken. En Martijn doet niet anders... met een mooie toon, heerlijk swingend en met daaronder een geweldige techniek. Overigens zonder dat dit laatste aspect de boventoon gaat voeren.

Wat blijft is een heerlijke cd met 12 uiteenlopende songs die evenzoveel landen vertegenwoordigen, van Les Parapluies de Cherbourg tot Danny Boy, maar waarbij ze allemaal een eigen, maar wel lekker jazzy benadering ten deel valt. Een verrassing was voor mij de vertolking van Body and Soul, dat niet alleen een buitengewoon mooi nummer is, maar door z'n modulaties ook echt moeilijk en daarnaast een beetje geheiligd door de grandioze versie van Colemen Hawkins uit 1939. Martijn echter zet er als vanzelfsprekend zijn eigen vertolking naast. Al laat zijn instrument ten opzichte van een saxofoon uiteraard de nodige beperkingen horen.

Arrangeur en meer dan adequate begeleider is Paul Poulissen, met op gitaar Martin Jagt, die evenals bassist Rico de Jeer pas in een later stadium in beeld kwam, terwijl Lex Tanger als vaste slagwerker van Poulissen natuurlijk niet kon ontbreken. In twee songs is ook Mathilde Keij als vocaliste toegevoegd. Het is mede daardoor niet alleen een swingend, maar ook een plezierig afwisselend schijfje geworden dat het goed zal doen bij een dineetje bij kaarslicht, maar ook gewoon om ontspannen genietend naar te luisteren. Martijn Luttmer treedt nogal eens op in restaurant Wakker en daar is zijn cd dan ook verkrijgbaar - of via martijnluttmer.nl/buy-cd/

On Request - Trio Johan Clement (2006)

Op zijn vorige cd 'From This Moment On' liet Johan Clement al horen over veel muzikale bagage te beschikken, waarmee hij samen met zijn begeleiders meeslepende jazzy constructies wist op te bouwen. Vooral in zijn eigen composities. En hoewel er op bepaalde momenten bij hem een heleboel noten voorbij kunnen komen werden die toch steeds verpakt in mooie melodische lijnen. Opvallend was tevens hoe hij ook bij de wat langzamer stukken de spanning langzaam, maar wel heel dwingend wist op te bouwen, iets waar ook iemand als Oscar Peterson zo'n meester in is.

Het verbaasde me daarom niet echt dat het nieuwste album van Johan - ook weer samen met Eric Timmermans op bas en Frits Landesbergen op drums - een 'tribute to Oscar Peterson' inhoudt. Met als titel 'On Request' die wat mij betreft helemaal passend is en waarschijnlijk verwijst naar het boeiende 'We Get Requests' van zijn grote voorbeeld. Vol verwachting laadde ik dus het zilverkleurige schijfje in m'n cdspeler en raakte al meteen in de ban... opnieuw verbaasd dat zo'n stukje plastic zoveel mooie en opwindende muziek kan bevatten.

Peterson heeft natuurlijk meer pianisten geinspireerd (en misschien nog veel meer geintimideerd), maar Johan Clement blijkt als geen ander werkelijk in diens huid te kunnen kruipen, overigens zonder zichzelf te verliezen. Het is daarmee een wat strakkere productie geworden dan zijn vorige cd, waarop nogal met diverse klankkleuren werd geëxperimenteerd. Dat maakt 'On Request' voor mijn oren eigenlijk boeiender omdat je je als luisteraar nu helemaal kunt concentreren op al die soepele notenbewegingen. Ongemeen swingend in de snelle nummers en met een prachtig touché in de langzame - zoals het mooie 'When Summer Comes'.

Frits Landesbergen en Eric Timmermans zorgen voor een mooi geaccentueerde begeleiding met strak getimede breaks en een enkele goed gedoseerde solo. Beiden zijn het exibitionisme voorbij en weten in de eerste plaats mooie dialogen aan te gaan met de 88 toetsen van Johan Clement. Evenals Oscar Peterson dat steeds met de leden van zijn befaamde trio's voor elkaar wist te krijgen, maar hier dan toch met een heel persoonlijke invulling. Een heerlijke cd dus... geschikt als swingende oppepper voor wanneer het tegenzit en een fijne sfeerbouwer tijdens een romantisch diner bij kaarslicht...


Frits Landesbergen - Just me (2005)

Al in 1941 maakte Sidney Bechet gebruik van het na elkaar opnemen met verschillende instrumenten - bekend als de 'overdubbing'-techniek - in een uitvoering van 'The Sheik of Araby' en natuurlijk waren er eind veertiger jaren ook de befaamde opnamen van gitarist Les Paul en echtgenote Mary Ford met nummers als 'Lovers' en 'Blueberry Hill'. Hoewel anderen uit de pop-scene dit soort technieken met graagte overnamen, werd een dergelijke diepgaande geluidsmanipulatie door jazzmusici vooral beschouwd als een aantasting van het improviserende karakter.

In de vijftiger jaren trad daar langzaam een kentering in en onder andere de pianisten Lennie Tristano en Bill Evans maakten er een dankbaar gebruik van, evenals het fameuze zangtrio Lambert, Hendricks and Ross in een album waarin zij alle blaasinstrumenten uit het Count Basie-orkest nazongen. Omdat men noodgedwongen gebruik moest maken van taperecorders die bij elke keer overdubben een flinke portie ruis toevoegden moest men zich echter in drie technische bochten wringen om toch nog een redelijke geluidskwaliteit te handhaven.

De digitale techniek lost dit probleem echter op en wanneer je dan - zoals in het geval van Frits Landesbergen - voortreffelijk meerdere instrumenten beheerst staat niets je in de weg om in je eentje een fantastisch trio of kwartet te vormen. Bij de cd 'Groovy Mallets' uit 1991 was zijn benadering door met Edwin Corzilius eerst het ritme vast te leggen en daar de piano en vibrafoon 'overheen te leggen'. Eenzelfde methode werd op de jongste cd 'Just me'... toegepast. Edwin 'plays the bass' en Frits 'does not play the bass' zoals het achterop de hoes vermeld staat.

Het is - hoe kan het anders - een heerlijk swingende cd geworden, waarbij het eerste nummer - de eigen compositie 'Roundtrip' - wat dit betreft al de toon zet. Frits ontpopt zich hier inderdaad tevens als een uitmuntende pianist. Naast fraaie standards als 'It don't mean a thing...', 'Giants Steps' en 'Tangerine' zijn het vooral eigen stukken. Vaak toch ook met de wat bedachtzame toonzetting die vanzelfsprekend doet denken aan het Modern Jazz Quartet. Met mooie lyrische solo's van Edwin Corzilius, die daarnaast tevens een prachtige en vaak intrigerende begeleiding neerzet.


Dim Kesber & The Augmenters - Mood Ellington (2008)

Dat een jazzmuzikant zich met 78 jaar nog met zoveel enthousiasme in zijn muziek stort wordt niet zo vaak vertoond, ook al gingen enkele prominenten hem daarin wel voor. Giganten als Benny Carter en Lionel Hampton speelden zelfs nog tot na hun 90e jaar en ook trombonist Spiegele Wilcox nam op 91-jarige leeftijd een cd op met de veelzeggende titel 'Jazz keeps you young'. Klarinettist en sopraansax-veteraan Dim Kesber heeft hierin duidelijk zijn eigen formule gevonden en omringt zich al jarenlang met veel jongere, getalenteerde jazzmuzikanten. Hetgeen blijkt te resulteren in een alleszins vruchtbare wisselwerking.

De Augmenters (uiteraard een akkoorden-woordspeling op zijn eigen naam Dim) bestaan uit vijf afgestudeerde musici van het Haags of Rotterdams Conservatorium: Ellister van der Molen op trompet of bugel, Jasper Soffers op piano, Vincent Koning op gitaar, Noah Nicoll op bas en René Winter op drums. Alle 12 arrangenmenten zijn van Noah Nicoll en proberen terecht, ondanks de titel, geen nagebootste Ellingtoneske klankkleur neer te zetten. Het blijven gewoon eigen en alleszins swingende interpretaties van de composities van de Duke. Waarbij vooral Ellister van der Molen zich opnieuw ontpopt als een vanzelfsprekend klinkend talent die soberheid weet te koppelen aan maximale uitdrukking.

Dim weet daarbij steeds op een logische wijze in het geheel te mengen en neemt dan als vanouds de lead op zich. Alleen mis ik op deze cd toch een beetje zijn meer vloeiende tenorsound die op vorige cd's een grotere afstand tot de trompet wist te creëren en daarmee ook een ruimere klankdiversiteit. Dim Kesber mag dan afkomstig zijn uit de Dixieland - hij was een van de eersten die door Peter Schilperoort voor zijn prille Dutch Swing College Band werd gevraagd - en iemand met een voorliefde voor de blues, eigenlijk is hij in zo'n beetje alle jazzvormen geïnteresseerd en geeft zijn in de loop van vele jaren vergaarde kennis dus graag aan de jonge generatie door.

Het hoesje is enigszins merkwaardig: Dim ontspannen lezend in een omvangrijk boek over Ellington en geen muziekinstrument te bekennen. Gelukkig is de werkelijkheid toch anders... De cd is te bestellen via www.dimkesber.nl


Xandra Willis - To Be With You (2005)

Dit is de eerste cd van Xandra Willis en daaraan is duidelijk te horen dat ze niet van half werk houdt. Het blijkt namelijk een zeer volwassen registratie te zijn van een geschoolde en bevlogen zangeres die duidelijk weet wat ze wil. Als dochter van een allround pianist studeerde zij in 1998 cum laude af aan het Rotterdamse conservatorium en een jaar eerder won zij de Erasmus Jazz Prijs. Jarenlang heeft ze geschaafd aan haar repertoire dat naast de jazz ook duidelijke soulinvloeden bevat. Tot haar grote voorbeelden hoorden dan ook Aretha Franklin en Chaka Khan.

Wie haar huidige zelfverzekerde optreden heeft meegemaakt kan zich haast niet voorstellen dat ze in vroeger jaren te verlegen was om zelfs bij schoolbandjes op te treden en ook bij het voorzingen op het conservatorium barstte ze in tranen uit van de spanning. Misschien is het juist iets van die emotionele achtergrond die aan Xandra's zingen zo'n intense lading meegeeft, om het even of het een uptempo openingsnummer als 'My shining hour' betreft, een eigenwijze uitvoering van 'As time goes by' of van Ellington-composities als 'In a mellow tone' of 'Solitude'.

De cd bevat eveneens een drietal sterke eigen composities die de zangeres samen met trompettist Jan van Duikeren schreef. Laatstgenoemde verzorgde tevens de productie, die in een zestal dagen werd opgenomen met sterk wisselende bezettingen. Van een kwartet met Rob van Kreeveld aan de piano - soms aangevuld met de saxofoon van Jan Menu of van Benjamin Herman - tot een min of meer complete big band. Dat geeft het album overigens wel een beetje een onrustig karakter...De cd kwam uit bij Munich Records.


The Graduates of Swing - een Haagse topper (2004)

Een redelijk pretentieuze naam, maar na het beluisteren van deze eerste cd van deze Haagse small big band 'Live in Sociëteit De Witte' kan ik niet anders concluderen dat ze inderdaad in alle opzichten voor hun examen geslaagd mogen heten. Wat een heerlijk swingende muziek weten deze acht muzikanten neer te zetten. Jazz tot zeg maar de vijftiger jaren was toch vooral bedoeld om op te dansen en bij deze 'graduates' is het beslist heel moeilijk om stil op je stoel te blijven zitten.

Voor een deel is dat te danken aan de voortreffelijke ritmische ondergrond die met een sterke slaggitaar direct doet denken aan de fameuze Basie-band. Wat je beluistert is echter bepaald geen imitatie, maar een heel eigen geluid dat mede vorm wordt gegeven door het voorteffelijke solospel van alle leden van de saxsectie op alt, tenor en baritonsax. Speciale vermelding geldt daarbij toch wel het gevoelige trompetspel en de swingende vocals van Hans Eekhoff.

Ben ik hier dus lyrisch over? Nou en of! Voor een deel door zulke prachtige vertolkingen van nummers als 'Mighty like the Blues', 'Out of Nowhere' en mijn favoriete nummer 'It's the Talk of the Town'. Maar eigenlijk is alles de moeite meer dan waard, vooral door het aanstekelijke enthousiasme van alle muzikanten. Deze cd komt dan ook te staan in de speciale afdeling van muziek die ik draai wanneer de dingen niet helemaal gaan zoals ik graag zou willen. Kortom wanneer ik last heb van de 'blues'.


Jan Verwey 'doet' Thelonious Monk... en hoe! (2004)

Jan Verwey is niet alleen een buitengewoon bescheiden en beminnelijk mens, maar bovenal een fantastisch muzikant. En hoewel zijn instrument, de mondharmonica, vooral grote bekendheid geniet door ons aller Toots Thielemans, is Jan bepaald geen navolger van de beroemde Belg, maar iemand met een heel eigen sound en richting. Dat was al eerder duidelijk met zijn Miles Davis Project en nu dus met een soortgelijk 'project' dat aan een nog eigenzinniger componist/muzikant is gewijd, namelijk Thelonious Monk, naast Parker en Gillespie mede-grondlegger van de 'bop'.

Diens 'Round Midnight' en 'Straight No Chaser' groeiden uit tot ware wereldhits en ontbreken uiteraard ook niet op Jan's nieuwste cd 'Jan Verwey plays Thelonious Monk'. Het eigene ervan laat zich al kennen doordat het eerst genoemde nummer hier uitsluitend op gitaar wordt gespeeld - op een weergaloze wijze door Olaf Tarenskeen (die bij mij meteen herinneringen opriep aan de geweldige Braziliaanse gitarist Baden Powell). Bijzonder aan de rest van de cd is het feit dat behalve Jan's eigen kwartet ook het Gustav Klimt strijkkwartet meewerkte.

Het geeft de muziek een melodieus, symphonisch karakter waarin de typische klank van de chromatische mondharmonica wonderwel blijkt te passen. Daarbij geholpen door de geweldige arrangementen van Rob Horsting en Henk Meutgeert. Het resultaat is een heerlijke cd die de lastige composities van Monk niet alleen voor een breed publiek toegankelijk maakt, maar dat vooral fijne en sfeervolle muziek oplevert. Aparte vermelding verdient daarbij ook de eigen compositie van Jan Verwey 'It's Almost Midnight' dat op een heerlijke manier tegen 'Round Midnight' aanleunt.


Fraaie muzikale inkijkjes bij Sanna van Vliet (2004)

Het zijn bepaald niet de gemakkelijkste nummers die Sanna van Vliet voor haar eerste cd 'Insight' heeft uitgekozen, dat is meteen al duidelijk bij de openings-song, 'So in Love' van Cole Porter. Haar warme stemgeluid blijkt zich daarbij ook heel zuiver in de hogere regionen te kunnen bewegen. Met name het derde nummer, een eigen compositie, laat een knap staaltje van haar vocale kunnen horen en hierbij begeleid ze zichzelf - zoals in vijf van de dertien nummers - ook nog eens uitstekend op piano. Op de overige nummers neemt Bob Wijnen de toetsen voor zijn rekening.

Variatie genoeg op deze cd... zo speelt op een tweetal nummer ook het Gustav Klimt strijkkwartet mee, in een sfeervolle samenwerking met de heerlijke gitaar van Axel Hagen. Ook saxofonist Simon Rigter weet zich op een drietal nummers uitstekend in te passen, zoals in het romantische 'My Foolish Heart' van Gordon Jenkins, waarbij zijn tenorsax moeiteloos versmelt met de ontspannen scattende Sanna. Haar lenige stem heeft duidelijk een gedegen scholing achter de rug, maar hoewel ze zelf verklaart door jazz gefascineerd te zijn, is ze toch niet echt een jazz-zangeres.

Haar stem is daarvoor nog een beetje te mooi, te rond en ook niet helemaal 'bluesy' genoeg. Wel weet ze een song met verve en mooi verhalend over het voetlicht te brengen en zijn ook de drie door haar zelf geschreven nummers alleszins de moeite waard. Het heeft in elk geval geresulteerd in een plezierig klinkende cd waarbij sterk verhalende songs worden afgewisseld met lekkere swingers. Dit mede door de goede begeleiding - naast de al genoemde musici verder bestaand uit afwisselend Jos Machtel en Gulli Gudmundsson op bas en Eddy Lammerding op drums.


'Grooving' Piet Noordijk (2004)

Piet Noordijk behoeft geen krans, maar hij heeft dan ook al ruim 50 jaar actieve jazzbeoefening achter de rug. Onder andere bij alle belangrijke vaderlandse orkesten als Ramblers, The Skymasters en vooral het Metropole Orkest waar hij jarenlang eerste altsaxofonist was. Als onvervalste Rotterdammer is hij verder bepaald meer doener dan filosoof en dat kenmerkt zeker ook zijn spel dat over het algemeen dat van een recht door zee bebopper mag gelden. Toch gaat hij muzikale uitstapjes zeker niet uit de weg, zoals zijn vorige cd 'Piet Plays Sinatra' ook al aantoonde.

'Pete's Groove' gaat een duidelijk andere richting in... Als een bewuste handreiking naar een jonger publiek wordt hierin niet zozeer terugegrepen op de complexe schema's van Piet's grote voorbeeld Charlie Parker, maar vooral op de veel directere vorm van de 'soul', zoals indertijd verklankt door onder andere altsaxofonist 'Cannonball' Adderley, hammondgrootheid Jimmy Smith en zanger Ray Charles. Piet Noordijk zelf doet dat met veel vertoon van kracht en tevens op een heel eigen manier door ook traditionele ballads als vuistslagen neer te zetten.

Songs als 'The Man I Love' en 'In a Mellow Tone' krijgen zo een onverwacht explosieve lading die uitstekend wordt ondersteund door zijn geweldige mede-muzikanten, met Jack van Poll op een prachtig gorgelend Hammondorgel, Martijn van Itterson op gitaar en Frans van Geest op bas. Veteraan-drummer John Engels zorgt voor het swingend/ritmische tapijt dat ook voor de overige muzikanten een grote stimulans moet hebben betekend. Met name het nummer 'Second Time Around' vormt voor mij zo een prachtige balans tussen emotie en puur technisch kunnen.

Er is kortom heel wat muzikaal plezier te beleven aan deze nieuwe cd van een van de beste altsaxofonisten van Europa. Mijn persoonlijke kritische noot betreft eigenlijk vooral het nummer 'Body and Soul' dat voor mijn gevoel een beetje teveel in onaangedane notenreeksen wordt opgelost. En dat zeker niet de overtuigende her-interpretatie krijgt als zulke andere sfeernummers als 'Georgia on my Mind' en 'Willow Weep for Me'. Het flitsende titelnummer 'Pete's Groove' is overigens een eigen compositie en komt ook nog eens terug in een speciale radiomix.


Dirindi brengt een ode aan Antonio Carlos Jobim (2004)

In de zestiger jaren overspoelde de Braziliaanse bossa nova de wereld, vooral door het enorme succes van de 'Girl from Epanema', zoals werd gezongen door Astrud Gilberto en haar man, zanger/gitarist Joao. Het werd een geweldige inspiratiebron en een doorbraak voor tenorsaxofonist Stan Getz, maar de basis was eerder gelegd door grote gitaristen als Laurendo Almeida en Louis Bonfa en vooral pianist, arrangeur en componist Antonio Carlos Jobim. Deze overleed tien jaar geleden en als eerbetoon aan hem brengt het ensemble Dirindi nu deze cd 'Cantar do Jobim' uit.

Het is een meeslepend album geworden met Sjoerd Dijkhuizen als een eigenzinnige wederopstanding van Stan Getz en met prachtig zingend gitaarspel van Maarten van der Grinten. Het is allerminst een slaafse nabootsing van de min of meer tot standaard verheven vroegere uitvoeringen geworden, maar een hedendaagse en zorgvuldige productie met een heel eigen klankkleur. Dit mede door het prachtige fluitspel van Friederike Darius dat als een weemoedige draad door het geheel loopt en door de heldere stem van de vocaliste Marzieh Reyhani.

Bijna vanzelfsprekend zijn alle composities afkomstig van Jobim, behalve het laatste waar Maarten van der Grinten tekent voor een eigen uitwerking op het thema van 'Dindi', een bekend Jobim-nummer. Ook de arrangementen zijn van zijn hand met enkele aanvullingen van fluitiste Friederike. Alles bij elkaar is het fijne, swingende luistermuziek met intrigerende trekjes en mooie instrumentstemmen, waarop je niet snel bent 'uitgekeken' - zoals bijvoorbeeld Sjoerd Dijkhuizen op 'Brigas Nunca Mais' en in 'Cançao em Modo Menor' een ingetogen 'samenspraak' tussen Marzieh en Maarten.


Ingram Washington bij kaarslicht... (2004)

'What A Difference A Day Makes' is de titel van de nieuwe cd van Ingram Washington en het is tevens de eerste relaxte ballad die hij met zijn karakteristieke donkerbruine stem inzet. Aangevuld door de mooie lui klinkende tenorsax van Olaf Hoeks. Speciale vermelding verdient pianist Cajan Witmer, niet alleen voor zijn prachtige en ingehouden begeleiding, maar ook voor zijn verfijnde arangementen van alle 14 nummers. Dat ingehouden spel is overigens ook van toepassing op zijn andere vaste begeleiders, Peter Bjørnild op bas en Marcel van Engelen op drums.

In een drietal nummers, waaronder het mooie Nat Cole-nummer 'Unforgettable', speelt trompettist en fluegelhornspeler Mike Booth mee en weet zich hier uitstekend in de lichtelijk melancholieke sfeer in te passen. Dit geldt ook voor violist Arjen de Graaf die met zijn spel 'Autumn Leaves' - hier voor de verandering in up-tempo gespeeld - een extra dimensie weet mee te geven. Hermine Deurlo op mondharmonica doet ditzelfde in het slotnummer, 'What A Wonderful World', waar zij met ijle, aaneengeregen tonen een mooi muzikaal vlechtwerkje neerzet.

De stem van Ingram staat steeds centraal en is als een robuuste bronzen klok waarbij allereerst het lage register opvalt, maar waar tegelijk ook een helder randje in doorklinkt. In zijn langzame nummers beluister je zelfs een zekere broosheid die herinneringen oproept aan Chet Baker. Ook al door de terughoudendheid van de andere musici is het alsof de zanger als het ware even persoonlijk aanschuift bij een romantisch etentje bij kaarslicht. Hoewel we er in enkele nummers, zoals 'Our Love Is Here To Stay', toch ook aan worden herinnerd dat er in medium tempo lekker geswingd kan worden.

Aces of Syncopation - Kitano Walk. Muziek die vrolijk maakt... (2003)

Zoals we allemaal weten is muziek pure emotie, kun je ermee verleiden en kun je mensen erdoor laten huilen. Het tegenovergestelde is natuurlijk ook mogelijk en zelden heb ik zo'n kietelig vrolijk gevoel gekregen als bij het beluisteren van de cd van Robert Veen met zijn Aces of Syncopation, 'Kitano Walk'. De naam doet Japans aan en inderdaad is de originele compositie, waarnaar de cd is genoemd, een tribuut aan de Japanse stad Kobe waar zich het populaire Jazz Street festival afspeelt.

Zoals bekend is vooral traditionele jazz in Japan populair en dit is ook min of meer de stijl van deze cd, maar dan vooral naar de geest. Vanuit een grote traditie van speelse en melodische muziek, wordt deze hier op een ongebruikelijke wijze vertolkt, met multi-saxofonist Robert Veen op (hier vooral) sopraansax, Tom Stuip op banjo en Paul Habraken op sousafoon. De laatste weet op dit logge instrument overigens meeslepend solospel ten gehore te brengen, zoals o.a. in de mooie ballad 'I Surrender Dear'.

Robert Veen klinkt als een wederopstanding van Sidney Bechet, met een stralende en juichende toon die ook losbreekt uit meer ingehouden stukken als de 'September Song' van Kurt Weil. Mijn persoonlijke favoriet is zijn eigen 'Ché Bé', maar daarnaast is bijvoorbeeld ook het oude 'Burgundy Street Blues' van de New Orleans klarinettist George Lewis te beluisteren, maar dan op een ongewoon melodische basklarinet, waarbij Tom Stuip zijn banjo verwisselde voor een viersnarige guitaar.

Een rumba, een samba, de traditional 'St. James Infirmary', een uitdagende 'Annie Laurie', het bijna onvermijdelijke 'Petite Fleur' en een meezinger als 'Wrap your Troubles in Dreams'... aan afwisseling is hier bepaald geen gebrek. Een tweetal nummers werd op een later tijdstip met publiek opgenomen en hier lijkt de wisselwerking met de toehoorders zelfs nog enige extra dimensie toe te voegen. Om het heel kort samen te vatten: ik heb nog nooit een nieuwe cd zo vaak achter elkaar gedraaid...


Léah Kline - playground (2003)

Zangeres Léah Kline is ook al geen onbekende in onze club en demonstreert op haar debuut-cd haar veelzijdigheid in zowel lekker swingende jazzy nummers als 'Give me the Simple Life' als in verhalende songs als 'Peel me a Grape' en 'Pure Imagination'. In de begeleiding wordt alles uit de kast gehaald in een latin-uitvoering van 'Love for Sale' en in 'Hernando's Hideaway', met bongos, conga, djembé, trompet en trombone, waarbij aan het laatste nummer ook nog een meeslepende viool wordt toegevoegd. Vakmanschap alom en dit zeker ook van haar (Amerikaanse) begeleiders.

Het is dan ook een cd om vaak en met aandacht te beluisteren om ook de kleine nuances te ontdekken. Bijzonder zijn de mooie Ellington-song 'Prelude to a Kiss' en de original 'Call of the Muse' met als begeleiding slechts de solo-piano van John Rangel (die ook tekende voor de meeste arrangementen en de productie), de combinatie 'Tenderly' en 'Midnight Sun' met de solo-bas van Mike Valerio en 'I got rhythm' met de veelzijdige drumklanken van Lorca Hart. Op Léah's eigen website zijn van een zestal songs korte fragmenten te beluisteren.


Joke Bruijs - Close to me (2003)

Joke Bruijs mag dan het meest bekend zijn als actrice, maar ze weet zich in toenemende mate ook te profileren als zangeres, zoals inmidels op veel jazzpodia is te beluisteren (en o.a. op het Goois Jazzfestival). Ook op haar fraai uitgevoerde eerste cd 'Close To Me' weet ze zich al zingend te bewijzen met bovendien fantastische begeleiders als - afwisselend - Louis van Dijk en Rob van Kreeveld op piano, Frits Landesbergen op drums en vibrafoon, Edwin Corzilius op bas, Martien Oster op gitaar, Sjoerd Dijkhuizen op tenorsax en Jeroen de Rijk op percussie.

Nog meer dan tijdens een live-optreden valt op hoe zorgvuldig haar tekstbehandeling is. Het resultaat is een rustige en sfeervolle cd waarin met het openingsnummer 'Do I Love You' al meteen een goede toon wordt gezet. Er zijn o.a. een drietal songs van Rogers en Hart, drie van Cole Porter en eentje van Ellington, dus het is duidelijk dat het hier niet de geijkte standards betreft. Erg mooi vond ik persoonlijk de ballad 'Yesterdays I Heard The Rain', met een gevoelige, ingehouden begeleiding van Louis van Dijk en de prachtig weemoedige saxofoonklanken van Sjoerd Dijkhuizen.